
Het nut van geschiedenis
De steen van Aneyoshi
De soms eeuwenoude monumenten langs de kust van Japan staan bekend als tsunami-stenen (tsunami ishi). Een van de meest bekende en effectieve voorbeelden staat in het kleine bergdorpje Aneyoshi.
Deze stenen werd geplaatst na een vernietigende tsunami in 1933. De in steen gebeitelde boodschap luidt vertaald als volgt:
"Hooggelegen woningen garanderen de vrede en het geluk van onze nakomelingen. Denk aan de ramp van de grote tsunami's. Bouw geen huizen beneden dit punt."
Terwijl veel omliggende kuststeden in de regio Tohoku tijdens de zware aardbeving en tsunami van 2011 volledig werden weggevaagd, bleef het dorp Aneyoshi volledig ongedeerd.
De inwoners hadden door de generaties heen de strikte wetmatige waarschuwing van hun voorouders gerespecteerd. Het water stopte destijds op amper 90 meter afstand van de steen. Omdat iedereen braaf boven de steen was blijven bouwen, overleefde de voltallige gemeenschap de catastrofe zonder schade.
De schade veroorzaakt door deze tsunami was: 19.747 doden, 2.556 vermisten, 3.774 indirecte doden, 470.000 geëvacueerden, 122.000 gebouwen met de grond gelijkgemaakt. Daarnaast raakten nog eens bijna een miljoen huizen zwaar tot gedeeltelijk beschadigd. De totale geschatte directe economische schade:360 miljard dollar (de Wereldbank bestempelde dit destijds als de duurste natuurramp in de geschiedenis).
Wanneer iedere getroffen kustbewoner zich de tekst op de steen van Aneyoshi had aangetrokken, zou de schade maar een fractie geweest zijn.
Dat is het nut van geschiedenis!
Zelfvernietiging van beschavingen?
We kunnen nog een stap verder gaan! Wanneer we de loop van de geschiedenis van de mensheid overzien, dan merken we dat er een heel aantal beschavingen verdwenen zijn. Dat is zelfs zo opvallend, dat wetenschappers rapporten schreven met titels die insinueren dat een beschaving steeds gedoemd is om te verdwijnen. Bv. Md. Merajul Islam in "Collapse: The Universal Laws of Civilizational Suicide" (ResearchGate, 2025).
Nl: “Collapse: De universele wet van de zelfvernietiging van beschavingen.”
Éen van zijn conclusies is:
Md. Merajul Islam : Rechtvaardigheid als het zenuwstelsel van de beschaving
Als de beschaving een lichaam zou zijn, dan zou rechtvaardigheid het zenuwstelsel ervan zijn: onzichtbaar maar alomtegenwoordig, het evenwicht regulerend, harmonie waarborgend en reagerend op pijn voordat deze tot verlamming leidt.
Op het moment dat dit systeem wordt aangetast, sterft het lichaam niet onmiddellijk; het ondergaat een geleidelijke, inwendige ineenstorting. Geen enkele beschaving in de geschiedenis is van de ene op de andere dag ingestort. Ze hebben eerst hun interne samenhang, morele helderheid en verdelingsrechtvaardigheid verloren – allemaal uitingen van rechtvaardigheid.
Dit hoofdstuk onderzoekt hoe corruptie en ongelijkheid niet louter economische neveneffecten zijn, maar existentiële bedreigingen die samenlevingen stilletjes van binnenuit ontwrichten. Dit zijn geen politieke slogans; het zijn empirische patronen die zich door de eeuwen heen hebben afgetekend, van de val van Babylon tot de implosie van de Sovjet-Unie.
Civilizational Suicide? Is dat een natuurwet?
Een universele wet voor zelfmoord van de beschaving? Zo lijkt het wel voor sommige onderzoekers. Zelfs de WHO heeft zich ook gericht op dit vraagstuk en komt met een lijstje van 5 punten om het probleem te begrijpen:
- De erosie van ecologische, levens-ondersteunende systemen
- De aftakeling van de mondiale vooruitgang
- De falende voedselzekerheid en massale migratie
- De toenemende ongelijkheid en kwetsbaarheid
- Het "syndromische" gevaar van infectieziekten = pandemieën
Merkwaardig genoeg komen deze 5 punten zeer dicht bij de Bijbelse geschiedschrijving: daar worden natuurrampen (1), oorlogen (2) en hongersnoden(3) vrijwel nooit beschreven als willekeurige, natuurlijke of puur geopolitieke gebeurtenissen. Ze functioneren bijna altijd als een directe spiegel of een gevolg van de morele (4) en spirituele relatie tussen de mens en God.In de Bijbel wordt natuurlijk meestal over de relatie tussen God en Zijn volk, Israel geschreven.
Dit bijbelse wereldbeeld rust op een aantal specifieke theologische mechanismen:
I. Het Verbond en de "Zegen en Vloek"
In het Oude Testament (met name in het boek Deuteronomium) staat het Verbond centraal. Dit is een formeel contract tussen God en het volk met zeer expliciete voorwaarden:
Gehoorzaamheid leidt tot zegen: tijdige regen, overvloedige oogsten, vrede en bescherming tegen vijanden.
Ongehoorzaamheid (zoals afgoderij of sociale onrechtvaardigheid) activeert de "vloek": droogte, sprinkhanenplagen, hongersnood en militaire nederlagen.
Wanneer er een hongersnood uitbrak, stelde het volk niet de vraag: "Is er te weinig regen gevallen?", maar: "Wat hebben wij gedaan waardoor God de hemel heeft gesloten?"
II. Profetische maatschappij-kritiek
De profeten in de Bijbel (zoals Jesaja, Amos en Jeremia) traden op als "klokkenluiders" van deze relatie. Zij verwittigden over naderend onheil of militaire invasies door vijandige wereldrijken, en verbonden dat rechtstreeks aan het morele gedrag van de samenleving (deze waarschuwingen werden hen door God gegeven). Opmerkelijk is dat zij hongersnoden en oorlogen niet alleen toeschreven aan religieuze ontrouw (afgoderij), maar heel vaak ook aan sociale zonde: het uitbuiten van de armen, corruptie in de rechtspraak en het verwaarlozen van weduwen en wezen. Het verbreken van de relatie met de naaste was synoniem aan het verbreken van de relatie met God.
III. Kosmische verbondenheid
In het bijbelse denken is de natuur niet neutraal of mechanisch. De schepping reageert op de daden van de mens. Een bekend voorbeeld is het verhaal van de zondeval in Genesis, waar de aardbodem vervloekt wordt en dorens en distels gaat dragen als direct gevolg van de menselijke ongehoorzaamheid.
Een minder bekend voorbeeld toont de schuld van de mens:
Jes 24:1-6 Zie, de HERE ontledigt en verwoest de aarde, keert haar onderstboven en verstrooit haar inwoners. Dan vergaat het de priester als het volk, de heer als de knecht, de meesteres als haar dienstmaagd, de verkoper als de koper, wie te leen ontvangt als wie te leen geeft, de schuldenaar als de schuldeiser. De aarde wordt volkomen ontledigd en geheel leeggeroofd, want de HERE heeft dit woord gesproken. De aarde treurt, verwelkt; de wereld kwijnt weg, verwelkt; de hoogsten van het volk des lands kwijnen weg. Want de aarde is ontwijd door haar bewoners, omdat zij de wetten hebben overtreden, de inzetting ontdoken, het eeuwig verbond verbroken. Daarom verslindt een vloek de aarde en moeten haar bewoners boeten; daarom worden de bewoners der aarde door een gloed verteerd en blijven er weinig stervelingen over.
De fysieke leefomgeving (de natuur) deelt in de crisis van de menselijke relatie met de Schepper.
IV. Het Nieuwe Testament en de Eindtijd
In het Nieuwe Testament, met name in de Apocalyps (het boek Openbaring) en de redevoeringen van Jezus over de eindtijd, komen ook grote rampen, oorlogen en hongersnoden voor.
Hoewel deze soms worden gepresenteerd als noodzakelijke weeën die bij de overgang naar een nieuwe wereld horen, blijven ze diep geworteld in de weigering van de mensheid om zich om te keren naar God. De rampen fungeren hier vaak als een ultieme, kosmische oproep tot bekering.
Contrast met moderne "collapsologie"
Dit beeld verschilt fundamenteel met wat de moderne wetenschappelijke rapporten veronderstellen:
- Wetenschap: Ziet instorting als een onpersoonlijk, wiskundig en ecologisch gevolg van overbevolking, ongelijkheid en uitputting van grondstoffen.
- Bijbel: Ziet instorting als een relationeel en moreel gevolg. De fysieke ramp is het symptoom; de verbroken relatie met God en de medemens is de daadwerkelijke oorzaak.
Deze oorzaak is dieper geworteld in het plan dat God met de mens heeft. Paulus schrijft daarover in de brief aan de gemeente te Efeze, hoofdstuk 1. Wanneer de mens of een regering te ver van Gods plan afkeert, start er blijkbaar een mechanisme dat een halt toeroept aan die verkeerde weg. Op die manier kan het kwade niet zo ver doorgaan dat de mens volledig van de aardbol zou verdwijnen. Ondanks wat verwacht wordt door de evolutietheorie, overwint het kwade niet, zelfs niet als het de sterkste is… God overwint altijd!
De oplossing
Terwijl de geschiedenis van de mens in het OT veel ups en downs heeft gekend, bracht Jezus de definitieve oplossing, maar Hij deed dat op een heel andere manier dan veel tijdgenoten verwachtten. In plaats van een politieke of militaire omwenteling te ontketenen om Israël te bevrijden van de Romeinse bezetting, pakte Hij de wortel van het probleem aan: de verbroken relatie tussen God en de mens.
a. Het dragen van de "vloek"
In de Bijbel lezen we dat de verbroken relatie met God (de zonde) tot ziekte, vernietiging en dood leidt. In het Nieuwe Testament lezen we dat Jezus aan het kruis alle menselijke zonde en straf op zich nam. Bovendien stond Hij op uit de dood en overwon op die manier de dood! Dat is de basis voor onze verzoening met God. De relatie tussen de Schepper en de mens werd hersteld, omdat de geestelijke oorzaak van de kosmische crisis werd weggenomen.
b. Het Nieuwe Verbond
Jezus verving het oude verbond door een Nieuw Verbond. Dat is niet langer gebaseerd op het strikt naleven van uiterlijke wetten! Het is gebaseerd op genade, geloven in het offer van Jezus en innerlijke verandering: beschikbaar voor de hele mensheid. (Voor verdere uitwerking zie: Appendix)
c. Een innerlijke revolutie: Het Koninkrijk van God
Jezus predikte het Koninkrijk van God: dat begon niet met uiterlijk machtsvertoon, maar "binnenin" de mens. Hij biedt een oplossing voor de maatschappelijke oorzaken van instorting (zoals egoïsme, hebzucht en ongelijkheid) door de menselijke natuur van binnenuit te vernieuwen: Bekering: Je neemt Zijn plaatsvervangend offer aan in geloof en begint met Hem een nieuw leven —> machtshonger en materiële afgoderij verdwijnen - innerlijke vrede en rust vervullen je.
Radicale naastenliefde: Inclusief liefde voor de vijand.
Sociale rechtvaardigheid: Delen met armen en onderdrukten.
d. De eschatologische oplossing (= de toekomst)
Hoewel Jezus de oplossing bracht voor hen die in Hem geloven, loste Hij de fysieke rampen, ziekten en oorlogen op aarde niet direct definitief op. Hij waarschuwde zijn volgelingen zelfs dat deze tot aan het einde van de geschiedenis zouden blijven bestaan. De totale fysieke en geestelijke volkomenheid komt bij de wederkomst van Jezus. Dan zal de schepping definitief worden bevrijd van de dood en zal er een "nieuwe hemel en een nieuwe aarde" komen waar geen honger, pijn of oorlog meer bestaat.
Samenvatting
Jezus bracht de oplossing door het fundament te herstellen nl. de persoonlijke relatie met onze Schepper. Waar de profeten waarschuwden voor de onvermijdelijke ondergang van een maatschappij die God losliet, biedt Jezus de Weg die die ondergang geestelijk heeft overwonnen. Hij maakte geen gewelddadige komaf met de Romeinse Overheerser, maar gaf Zijn eigen leven zodat iedere mens die juist kiest, Zijn Koninkrijk leert kennen. En daar kan je (nu reeds) in leven!
De Bijbel is onze “steen van Aneyoshi”. Dit boek vond zijn oorsprong 6.000 jaar geleden en is nog steeds het meest gelezen boek op aarde. Je mag het zien als een deel van de geschiedenis van de mensheid. Het is veel accurater dan de meeste theorieën van geschiedkundigen. Maar als je tot geloof komt, zal God door dit boek tot je hart spreken. We weten niet exact wanneer Jezus terugkomt, maar anno 2026 zal het vast niet lang meer duren. Als je tegen dan Jezus hebt aangenomen, kan je de tsunami van Gods toorn ontlopen.
De Bijbel toont duidelijk dat God nooit begint met de uiteindelijke straf. Hij tuchtigt en waarschuwt eerst uitvoerig, omdat Hij wil dat mensen behouden blijven. Pas wanneer de mens de tuchtiging definitief beantwoordt met verharding, blijft de onvermijdelijke, definitieve straf over om het universum voorgoed te zuiveren van het kwaad. Het kwaad verwijderen is de enige manier om het beloofde vrederijk te kunnen bouwen.
De weg naar de veilige schuilplaats ligt nu nog (een korte tijd?) open…
Appendix: van Rechter naar Vader
Bij de paragraaf "Het Nieuwe Verbond" in Het nut van geschiedenis.
Het hoofdartikel stelt dat Jezus het oude verbond verving door een nieuw, en dat het nieuwe niet meer op het naleven van uiterlijke wetten rust. Deze appendix werkt dat uit. De kern is wat wij een verschuiving zouden noemen in hoe God zich tot de mens verhoudt: van Rechter naar Vader. Dat zijn geen twee goden en ook geen twee tijdperken, maar twee betrekkingen waarin dezelfde God tot dezelfde mens staat.
God begint niet als Rechter
Genesis opent met een God die spreekt en die orde stelt. Wie alleen het eerst hoofdstuk leest, houdt het beeld over van een wetgever op afstand.
Maar zodra de mens er is, verandert de toon. God wandelt in de hof:
Toen zij het geluid van de Here God hoorden, die in de hof wandelde in de avondkoelte, verborgen de mens en zijn vrouw zich voor de Here God tussen het geboomte in de hof. (Ge 3:8)
Let op wat er staat. Het wandelen is niet nieuw en niet buitengewoon; het is de gewoonte. Wat nieuw is, is dat de mens zich verbergt. De afstand komt van onze kant.
Het verbond begint niet bij Mozes
Een verbond is een plechtige afspraak tussen twee partijen, met verplichtingen aan beide kanten. Het wordt vaak voorgesteld alsof God pas bij Mozes zo'n afspraak sloot, maar Genesis geeft er twee eerder.
Met Noach, na de vloed:
Zie, Ik richt mijn verbond op met u en met uw nageslacht. (Ge 9:9)
En met Abram:
Te dien dage sloot de Here een verbond met Abram. (Ge 15:18)
Dat verschil doet ertoe, en wij zijn van mening dat het de sleutel is tot al het overige. Het verbond met Abraham rust op een belofte die God doet, niet op voorwaarden die de mens moet halen. Abraham krijgt het land toegezegd voordat er ook maar één wet bestaat.
Het verbond van Sinaï, en waarom het vastliep
Bij de berg Sinaï komt er een verbond van een andere soort. Daar staan geboden, en het volk aanvaardt ze uitdrukkelijk:
Hij nam het boek des verbonds en las het voor de oren van het volk en zij zeiden: Alles wat de Here gesproken heeft, zullen wij doen en daarnaar zullen wij horen. (Ex 24:7)
Daar zit een voorwaarde in, en daarmee ook een mogelijkheid tot falen. Het hoofdartikel beschrijft wat er dan gebeurt: gehoorzaamheid brengt zegen, ongehoorzaamheid brengt de vloek, en de geschiedenis van Israël laat beide zien.
Paulus wijst er bovendien op dat dit verbond later kwam, en dat het het eerdere niet ongeldig maakt:
de wet, die vierhonderd dertig jaar later is gekomen, maakt het testament, waaraan door God tevoren rechtskracht verleend was, niet ongeldig, zodat zij de belofte haar kracht zou doen verliezen. (Ga 3:17)
De belofte aan Abraham blijft dus staan. De wet is er niet voor in de plaats gekomen.
Het nieuwe verbond was aangekondigd
Lang voor Jezus staat er al dat er een ander verbond komt, en er staat ook wat eraan anders zal zijn:
Zie, de dagen komen, luidt het woord des Heren, dat Ik met het huis van Israël en het huis van Juda een nieuw verbond sluiten zal. Niet zoals het verbond, dat Ik met hun vaderen gesloten heb ten dage dat Ik hen bij de hand nam, om hen uit het land Egypte te leiden: mijn verbond, dat zij verbroken hebben. (Jer 31:31-32)
Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn. (Jer 31:33)
Het verschil zit voor ons niet in de inhoud van de wet maar in de plaats waar zij staat. Niet meer op steen tegenover de mens, maar in hem.
Wat er juridisch gebeurde
Hier komt de rechtszaal terug, en wij bedoelen dat niet als beeldspraak. Een rechter die schuld door de vingers ziet, is geen goede rechter. Als God de fout laat lopen, is Hij niet langer rechtvaardig; als Hij haar bestraft, staat de mens veroordeeld. Dat is de klem waar het eerste verbond op vastliep.
Wat er aan het kruis gebeurde, lost die klem op zonder één van beide op te geven. De straf wordt voltrokken, maar niet op de schuldige. De schuld is daarmee betaald, en betaalde schuld kan geen tweede keer worden ingevorderd:
Zo is er dan nu geen veroordeling voor hen, die in Christus Jezus zijn. (Ro 8:1)
En wat daarna volgt is geen gedogen maar aanneming. Er staat een woord uit het erfrecht:
Doch allen, die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden, hun, die in zijn naam geloven. (Joh 1:12)
Want gij hebt niet ontvangen een geest van slavernij om opnieuw te vrezen, maar gij hebt ontvangen de Geest van het zoonschap, door welke wij roepen: Abba, Vader. (Ro 8:15)
Wat dit betekent
Daarmee is de cirkel rond. God wandelde met de mens in de hof, de mens verborg zich, en langs het kruis is voor ons de weg terug geopend. Niet doordat de eisen zijn verlaagd, maar doordat er iemand anders aan voldeed.
Dat verandert de verhouding volledig. Wie zich aangenomen weet, houdt zich niet aan Gods woord om erbij te mogen horen. Hij hoort er al bij, en dat is de reden dat hij luistert. Het luisteren is het gevolg, niet de voorwaarde. Dat is precies wat Jeremia aankondigde: een wet die niet meer tegenover je staat maar in je is gelegd.
En daarmee komt het hoofdartikel weer in zicht. De steen van Aneyoshi hielp alleen wie hem geloofde en zich eraan hield. Het verschil is dat de steen niets terugdoet. Deze Vader wel.
Bronvermelding
Alle Bijbelcitaten zijn ontleend aan de NBG-vertaling van 1951.
